Maandelijks archief: maart 2013

Op Cyprus: Een crisisanalyse

De run op de banken in Cyprus is het grootste nieuws van de dag. Zoals eigenlijk overal in Europa, maar in het bijzonder in Zuid-Europa, zijn de banken op (Grieks-)Cyprus failliet. Maar dit faillissement, zoals alles wat de financiële sector betreft, is evenzeer psychologisch als het reëel is – zolang een bank geloofd wordt kredietwaardig te zijn maakt het niet veel uit hoeveel liquide middelen de bank werkelijk bezit, maar zodra deze kredietwaardigheid wordt aangetast door externe of interne factoren is het gedaan. Die factoren hoeven helemaal niet direct met de gegeven bank te maken te hebben. Vaak gaat het om grotere, meer indirecte problemen, zoals een kelderende economie in het betreffende land, een verwachting van non-kredietwaardigheid bij andere instellingen waar de bank qua risico aan blootgesteld is, of de overtuiging dat de banken van het betreffende land eenvoudigweg de zwakste schakel zijn.

De Europese monetaire unie en het IMF zijn er echter op gebrand om geen enkele bank werkelijk failliet te laten gaan. Iedere failliete bank betekent niet alleen kapitaalvernietiging, maar tast verder de geloofwaardigheid van andere banken aan, verergert de positie van de crediteuren, en veroorzaakt zo (zo meent men) een domino-effect. Maar een serieuze globale economische crisis functioneert voor iedere individuele bank, hoe groot deze ook mag lijken, als zo’n grootschalige gebeurtenis dat het effectief een grote externe schok is. Om dan een bank overeind te houden is alleen mogelijk door ofwel een hoop geld in de bank te pompen in de hoop dat de nieuwe liquiditeit de zaak draaiende houdt totdat de crisis voorbijgaat en de investeringscyclus weer op gang komt, al was het maar om psychologische redenen (zoals Keynes verwachtte), ofwel de crediteuren te benadelen en eenvoudigweg een gedeeltelijk bankroet te verklaren, maar hopen dat de crediteuren genoegen nemen met tenminste een deel van hun geld terug te krijgen en dus geen verdere negatieve investeringsacties ondernemen. In de meeste gevallen tot nu toe, in het bijzonder in Griekenland, heeft men gekozen voor beide opties. Lees verder

1 reactie

Opgeslagen onder Economie

Het Einde van Frontaal Naakt

Niet lang geleden, pakweg een halfjaar ofzo, besloot ik vanuit den vreemde eens te zoeken op Twitter naar Nederlandstalige personen en blogs die een kritisch perspectief op Nederlandse zaken zouden kunnen bieden. Door het soort gelukkig toeval dat het internet zo vaak biedt, kwam ik al snel uit bij Frontaal Naakt, de blog van Peter Breedveld. Al snel werd dit de enige blog in het Nederlands die ik systematisch las, zowel door de moedige en principiële manier waarop Breedveld en kompanen de schier eindeloze horden domrechtse kleinburgerij te lijf gingen, als ook door de scherpte, de levenslustigheid, en de intellectuele belangstelling die sprak uit de artikelen. Breedveld’s stijl is vlijmscherp en polemisch, vrijwel altijd raak, onbevreesd een duidelijk standpunt uit te dragen zonder de behoefte eindeloos concessies te doen. Hij heeft bovendien het zeldzame talent grappig en effectief te zijn in polemiek zodanig dat ook als je het niet met hem eens bent, het een genoegen te lezen is – iets wat sinds het overlijden van de grote W.F. Hermans in de jaren 90 in Nederland eigenlijk niet meer voorgekomen is. Als duo met de vertaalster en televisieproducente Hassnae Bouazza, wiens interessante en nuttige boek Arabieren Kijken ik recent recenseerde op deze blog vormden zij een ongebruikelijk geluid in het hedendaagse Nederland: stijlvol, vrijheidslievend, en een rots in de branding in de strijd tegen racisme, immigrantenhaat en alle vormen van klein-rechtse uitstulpingen. Zo leerde ik de site kennen.

Het is dan ook met bijzondere ergernis en teleurstelling dat ik heb moeten vernemen dat de site er mee op houdt. De laatste druppel was een artikel van een zekere Elma Drayer in het dagblad Trouw, waarin de site en in het bijzonder Breedveld en Bouazza zelf werden afgeschilderd als rabiate anti-semieten en als symbool voor al het Nieuwe Kwaad dat overbetaalde, luie dagbladjournalisten in het internet menen waar te nemen. (Hier in Londen schrijven journalisten voordurend over hoe de toegankelijkheid en laagdrempeligheid van het internet een gevaar vormen voor de journalistiek, alle inhoud dreigen te doen verdwijnen, en zo voort; zonder uitzondering zijn deze lamentaties altijd van de hand van de minst competente, meest intellectueel luie vertegenwoordigers van de traditionele media.) De beschuldigingen waren zonder uitzondering gebaseerd op uit hun context gerukte frasen gebruikt voor polemische doeleinden, vaak zelfs expliciet sarcastisch – iets wat ook maar de minste poging onderzoek te doen onmiddelijk zou uitwijzen. Maar een van ’s lands grootste dagbladen mocht rustig een onbetaalde blogger belasteren en zwartmaken zonder dat deze ook maar een recht op repliek had, en dat nog wel onmwille van de strijd tegen racisme, terwijl Breedveld en Bouazza zich nou juist bij uitstek tegen de nieuwe salonfähigkeit van racisme in Nederland hadden gericht! Ondertussen mag Joost Niemöller, die er expliciet ‘wetenschappelijke’ rassentheorieën op na houdt, rustig stukjes schrijven voor HP/De Tijd, de NCRV, en de Volkskrant.

Het is een verbluffend maar treurig feit dat ondanks alle vijandigheid jegens migratie, alle klachten over buitenlanders en zo voort in dit land, er nergens in het Verenigd Koninkrijk zo systematisch en in zulke invloedrijke sferen openlijk racisme en volkerenhaat wordt bedreven als in Nederland het geval is. Mijn moederland begint hier aan de andere kant van het kanaal een toenemend gure reputatie te verwerven die met Griekenland en Italïe kan wedijveren op het gebied van xenofobie. Vaak vraagt men mij: “wie heeft er toch jullie land overgenomen, dat het nu zo is?”. Ik probeer altijd uit te leggen dat de ‘tolerante’ reputatie van Nederland altijd al meer schijn dan werkelijkheid is geweest, en Nederland heeft altijd uitgeblonken in moraliserende hypocrisie, maar het kan niet ontkend worden dat er nu op TV en in dagbladen dingen gezegd worden die in de jaren ’80 uitsluitend het domein van neo-fascisten waren. Als zelfs in de grote kranten openlijk racisme bedreven kan worden, en ieder mogelijk tegengeluid onmiddelijk wordt afgedaan onder het mom ‘we moeten de problemen benoemen’ of als overblijfsel van de afgedane ‘linkse kerk’, dan is een onafhankelijke site die niet bang is de strijd aan te gaan des te meer nodig.

Ik geloof niet dat echt fascisme, mocht het zover komen, met woorden alleen bestreden kan worden. Maar wat wel kan is de verbale en intellectuele strijd aangaan met alle fellow travellers van nieuw-rechts: de mensen die rassentheoriëen accepteren, die Israël steunen om de Arabieren een lesje te leren en zoiets doodernstigs als anti-semitisme bagatelliseren en misbruiken voor manipulatieve doeleinden, de mensen die natuurlijk niets hebben tegen buitenlanders ‘maar er is toch wel een probleem’, de lieden die uitentreure herhalen hoe je ‘nooit iets mag zeggen over immigratie’ wanneer er in Nederland al tien jaar over niks anders gesproken wordt en nooit positief, de nette burgers die vinden dat het antwoord op ieder politiek en economisch probleem is om ‘hard in te grijpen’ en nooit vragen wat dat doet of betekent. Dát deel van de bevolking, die wijze van denken die nu dominant is in Nederland (voor zover ik vanuit Londen kan overzien), daartegen is een krachtig tegengeluid op zijn plaats.

Ik verwijt Breedveld natuurlijk niets – Bouazza en hij hebben een waarlijke storm van bedreigingen, beledigingen, chantagepogingen, aanklachten en alle mogelijke zwartmakerij moeten ondergaan, zonder uitzondering natuurlijk precies uit diezelfde hoek die altijd en overal iedereen die iets anders zegt onmiddelijk het verwijt maakt de ‘vrijheid van meningsuiting’ niet te waarderen. Maar het kan nieuw-rechts helemaal niets schelen, de vrijheid van meningsuiting. Sterker nog, ze haten het, met een diepe haat: wat zij willen is vrijheid voor racisme, xenofobie, intimidatie en de aggressie van het onderbuikinstinct. Enige andere vrijheid proberen ze met alle middelen te kop in te drukken, daarin bijgestaan door de onvoorstelbare hypocrisie en lafheid die veel van het Nederlands medialandschap laat zien. Dat is een bijzonder zorgelijke trend, en dat ze zelfs zulke sterke schrijvers als Peter Breedveld hebben kunnen intimideren via geliefden, werk en familieleden toont eens te meer aan dat helemaal niemand veilig is voor de grijze golf die over Nederland spoelt.

Voor mij persoonlijk was Frontaal Naakt een inspiratie om ook in het Nederlands te gaan schrijven. Het einde van Frontaal Naakt is evengoed een inspiratie, een oproep om de infantiele kleinburgerlijke Latter Day-kruisvaarders niet het terrein zonder strijd af te staan. Dankzij de globale economische crisis slaan in allerlei landen de populistische tendenzen al snel om in onverhuld fascisme, zoals te zien in Griekenland, Rusland en Hongarije; het is tijd dat in Nederland progressieve mensen zich organiseren om op zijn minst te laten horen dat het ook anders kan. Verder wens ik Breedveld en Bouazza een rustiger, plezieriger tijd tegemoet, en hopelijk kunnen we meer van hen horen in een andere context of op een ander medium.

2 reacties

Opgeslagen onder Media, Politiek